Termen database

Anatomie van het oog

Ons oog bestaat uit verschillende onderdelen, zoals in deze schematische tekening te zien is:

Hieronder zullen we een korte beschrijving geven van de belangrijkste onderdelen van het oog die bijdragen aan het visuele proces.

Pupil
De pupil (nr. 4) is het gedeelte van ons oog dat de mate van licht dat ons oog binnenvalt beïnvloedt. Het is een gat in het midden van de iris (nr. 3). Het licht dat ons oog binnen valt wordt niet of nauwelijks teruggekaatst, daarom lijkt de pupil zwart.

Netvlies
Het netvlies (nr. 18), ook wel retina genoemd, is het gedeelte aan de achterkant van ons oog, waarop de lichtstralen vallen die ons oog binnenkomen. De retina bestaat uit een aantal verschillende cellen, waaronder fotoreceptoren.

Fotoreceptoren
De retina bevat ongeveer 126 miljoen fotoreceptoren. Deze fotoreceptoren bevatten fotopigmenten die uit elkaar vallen wanneer er licht op valt. Hierdoor ontstaat een elektrisch geladen stroom, en kan signaaloverdracht tussen neuronen plaatsvinden.

Er bestaan twee soorten fotoreceptoren:

  1. Staafjes (+/-120 miljoen)
    Staafjes zijn sensitief voor kleine stimulatie en worden dus actief wanneer er weinig licht is. Deze receptoren worden dan ook vooral ‘s nachts gebruikt.
  2. Kegeltjes (+/- 6 miljoen)
    Kegeltjes zijn gevoelig voor sterke stimulatie, en dus vooral actief tijdens de dag. Dit komt doordat kegeltjes fotopigmenten hebben die heel snel opnieuw kunnen worden aangemaakt. Hierdoor herstellen ze snel van het licht en kunnen ze weer opnieuw beginnen met vervallen. Kegeltjes zijn daarnaast ook essentieel voor het zien van kleuren.

Ganglion cellen
Naast de fotoreceptoren bevat de retina nog een ander type cellen, zogenaamde Ganglion cellen. Deze liggen achter de fotoreceptoren en zorgen ervoor dat signalen geprojecteerd worden naar de hersenen. We onderscheiden twee verschillende types Ganglion cellen:

  1. Magno-ganglion cellen
    Grote cellen, met grote receptieve velden
  2. Parvo-Ganglion cellen
    Kleine cellen

Alle cellen uit het visuele systeem hebben een receptief veld. Dit is een begrip dat voor sommige mensen moeilijk te begrijpen is, omdat het geen onderdeel is van de cel. We beschrijven het receptieve veld van een cel als de plek in de visuele ruimte waar licht moet zijn om een bepaalde cel actief te maken. Je kunt dat ook op een andere manier voorstellen, als een plek op de retina. Dan is het receptieve veld het deel van de retina waar licht op moet vallen om de cel verderop in de hersenen te activeren.

Fovea/Gele vlek
In het midden van de retina zit de fovea (nr.11), ookwel de gele vlek . Op deze plek vallen de signalen die uit het midden van je gezichtsveld komen. Op de fovea bevinden zich alleen kegeltjes, waardoor het midden van je gezichtsveld ook de plaats is waar je de meeste details kunt zien.

Blinde vlek
Op de plek in de retina waar de Ganglion cellen het oog verlaten en zich samenvoegen in de oogzenuw, bevinden zich geen fotoreceptoren. Dit betekent dus dat het licht dat op dit punt van de retina valt, niet verwerkt kan worden. Deze plek wordt ook wel de blinde vlek genoemd, omdat je dus voor dit gebied in je receptieve veld ‘blind’ bent. Deze blinde vlek wordt op twee manieren ‘opgelost’. Allereerst bevindt zich deze plek in het perifere gedeelte van je retina, het gedeelte waarmee je in de eerste plaats al niet zo scherp ziet. Daarnaast lossen de hersenen het fenomeen van de blinde vlek op door het gebied in het receptieve veld dat net naast de blinde vlek valt, te kopiëren. Wanneer je bijvoorbeeld naar een rood vel papier kijkt, zie je niet opeens ergens een zwart gat. De hersenen kopiëren het beeld van het rode oppervlak net naast je blinde vlek over de blinde vlek heen, zodat je gewoon een geheel rood vel papier zult zien.

Auteur: Caroline Benjamins
Please wait... loading