Termen database

Conditioneren

Klassiek conditioneren is een vorm van leren, waarbij het koppelen van twee stimuli ervoor zorgt dat de reactie op een van deze stimuli verandert. Deze vorm van leren werd voor het eerst beschreven door een Russische onderzoeker met de naam Ivan Pavlov. Tijdens het doen van onderzoek naar de spijsvertering bij honden, ontdekte Pavlov dat het aanmaken van speeksel bij de honden al plaatsvond voordat hij de honden eten gaf. Vervolgens deed hij verder onderzoek naar dit gegeven, om te kijken of hij de honden onbewust kon aanleren om speeksel aan te maken.

Dit deed hij door een bel te laten rinkelen, 5 seconden voor hij de honden eten zou geven. Wanneer dit een paar keer wordt herhaald, dan blijken de honden het belletje aan eten te koppelen. Dit houdt in dat de honden dus al speeksel aanmaken wanneer het belletje begint te rinkelen, zonder dat er eten aanwezig is.

Klassiek conditioneren werkt natuurlijk niet alleen maar bij honden die willen eten. Daarom is er een algemeen model dat de werking van klassiek conditioneren beschrijft. Het begint bij het presenteren van een geconditioneerde stimulus (GS), die geen reactie opwekt in de proefpersoon. Hierna wordt de GS gevolgd door een ongeconditioneerde stimulus (OS), die een automatische reactie opwekt. Deze automatische reactie wordt de ongeconditioneerde respons (OR) genoemd. Wanneer de GS en de OS een aantal keer gecombineerd worden, dan ontstaat er bij de proefpersoon een geconditioneerde respons (GR). De GR is vaak hetzelfde als de OR, maar verschijnt nu automatisch na het aanbieden van de GS.

Naast klassiek conditioneren is er operante conditionering, waarbij de reactie van een persoon of dier wordt gevolgd door een straf of beloning. Wanneer een actie wordt gevolgd door een beloning dan wordt de kans groter dat deze actie nogmaals uitgevoerd zal worden. Wanneer de handeling wordt gevolgd door een straf wordt de kans dat deze handeling herhaald wordt juist kleiner.

Met het ontdekken van klassieke en operante conditionering werd een belangrijke stap gelegd in het begrijpen van hoe mensen en dieren leren. Na deze ontdekking werd de focus van het onderzoek de neurale mechanismen die ten grondslag liggen aan deze vormen van leren. Pavlov zelf suggereerde dat het klassiek conditioneren een reflectie is van een versterkte verbinding tussen een GS-gebied en een OS-gebied. Als er daarna activiteit plaatsvind in het GS-gebied, dan vloeit deze automatisch ook naar het OS-gebied, en wekt zo de respons op. Vervolgens werd dit idee van Pavlov getoetst door andere onderzoekers. Dit werd gedaan door ratten eerst iets te leren en vervolgens de verbindingen in de hersenen weg te snijden. Het idee hierachter was dat wanneer het leren plaats zou vinden door het versterken van verbindingen, het geleerde verschijnsel zou moeten verdwijnen wanneer deze verbindingen zouden worden weggehaald. Er werden echter geen plekken gevonden in de cortex, waar deze verbindingen zich zouden kunnen bevinden. Dat wil zeggen, bij het snijden in de cortex, of het weghalen van verschillende delen van de cortex, bleef de geleerde reactie na het conditioneren nog altijd in tact.

Op dit moment is het echter wel duidelijk dat bovenstaand onderzoek niet alleen omslachtig, maar ook nutteloos is. Om te beginnen vindt het leren niet voornamelijk plaats in de cortex. Daarnaast zijn er zoveel neuronen, en dus ook verbindingen tussen neuronen, in de hersenen dat het onwaarschijnlijk is dat je juist die ene specifieke aangeleerde verbinding wegsnijdt tijdens een onderzoek. Er zijn dan ook nieuwe onderzoeken uitgevoerd, waarbij gekeken is naar de activiteit van individuele neuronen tijdens klassiek conditioneren. Hierbij bleken neuronen in een bepaald gedeelte van de kleine hersenen essentieel te zijn. Deze neuronen, in de laterale interpositus nucleus (LIP), waren tijdens de eerste aanbiedingen van de GS nog helemaal niet actief, maar na het leren van de GR werden deze cellen juist wel actief bij het aanbieden van de GS. Andere onderzoeken hebben inderdaad bevestigt dat de LIP intact moet zijn om leren te laten plaatsvinden. Daarnaast moet de LIP ook nog volledig werken om de GR te laten plaatsvinden na de leerfase. Je zou dus kunnen zeggen dat de LIP ook belangrijk is voor het ophalen van deze informatie.

 

Auteur: Myrthe Princen
Please wait... loading